Veel pup-eigenaren schrikken zich een hoedje: ineens schiet je hondje als een stuiterbal door de kamer, neemt bochten alsof hij op een racecircuit zit en lijkt je totaal niet meer te horen. Het ziet er wild uit, maar wees gerust: in de meeste gevallen is dit volkomen normaal.
Je hebt dan te maken met de bekende “zoomies”: korte, explosieve uitbarstingen van energie die vooral bij jonge honden horen, maar die je ook bij volwassen honden (en andere dieren) nog regelmatig ziet.
Wanneer zijn zoomies normaal en wanneer niet?
Zie zoomies vooral als een onschuldige manier om stoom af te blazen. Energie, spanning of pure opwinding: het moet er gewoon even uit. Zo’n bui duurt vaak maar een paar seconden tot enkele minuten. Daarna is je dier meestal weer gewoon “zichzelf”.
De context vertelt je vaak of het klopt. Gebeurt het na een spelletje, na een wandeling, als er bezoek is, of vlak nadat de riem losgaat? Dan is het vaak gewoon gezonde ontlading.
Toch is het logisch dat je twijfelt of je moet ingrijpen. Dat hangt minder af van de snelheid waarmee je pup rent, en meer van veiligheid en het totaalplaatje. Knalt je pup herhaaldelijk hard tegen meubels, lijkt hij niet meer te kunnen stoppen, of zie je ook andere signalen (pijn, mank lopen, paniek)? Dan is het verstandig om even extra alert te zijn.
Wat zijn zoomies precies?
Bij een zoomie krijgt je hond het ineens op zijn heupen: rennen, draaien, springen en als een raket heen en weer schieten. Je herkent het aan die “gekke” blik in de ogen, een open bek, en een laag of juist hoog lijfje dat scherpe bochten maakt.
In het Engels heet dit officieel FRAPs: “Frenetic Random Activity Periods”. Dat klinkt heel medisch en heftig, maar het betekent eigenlijk gewoon dat het er even chaotisch uitziet, terwijl het meestal een normale manier van ontladen is.
Bij pups zie je dit extra vaak, simpelweg omdat hun prikkelverwerking en zelfbeheersing nog volop in ontwikkeling zijn. Ze moeten nog leren hoe ze met opwinding omgaan. Energie bouwt zich soms op momenten op die jij niet verwacht: na een leuke ontmoeting, een spannend geluid, of zelfs na een trainingssessie die mentaal inspannend was.
Waarom rent mijn pup ineens als een gek door het huis?
De simpelste reden? De emmer is vol en de klep moet open. Er is spanning opgebouwd en die moet eruit. Die spanning is niet per se negatief; het kan ook pure blijdschap zijn. Denk aan: “ik heb er zin in”, “wat was dit leuk”, of “pfoe, dit was veel om te verwerken”.
Voor een pup is het vaak nog lastig om dat gevoel netjes te reguleren. Zijn lijf kiest dan voor de snelweg: rennen.
Veel eigenaren denken bij zoomies direct dat de pup te weinig beweging krijgt. Soms speelt dat mee, maar vaak zit het ingewikkelder in elkaar. Een pup kan zoomies krijgen van:
- Opwinding (visite, spelen, een andere hond, een nieuwe omgeving).
- Mentale inspanning (training, veel nieuwe indrukken, een drukke wandeling).
- Frustratie (even aan de lijn moeten, niet bij dat ene speeltje mogen, wachten).
- Vermoeidheid (oververmoeid zijn en toch “aan” blijven staan).
- Opluchting (eindelijk los, eindelijk naar binnen, klaar met een taak).
Dat laatste verrast mensen vaak: vermoeidheid kan juist een trigger zijn. Bij pups lijkt dat op een peuter die over zijn slaap heen is; ze worden dan juist drukker in plaats van rustiger.
Komt het ook voor bij volwassen honden (en andere dieren)?
Zeker weten. Ook volwassen honden hebben hun “gekke vijf minuten”. Bijvoorbeeld na een bad, na lang stilliggen, bij koud weer, na een spannende ontmoeting of gewoon uit levenslust. Sommige honden krijgen het vooral buiten op hun heupen als ze zand, gras of sneeuw voelen: dat nodigt blijkbaar uit tot rennen en gek doen.
Je ziet vergelijkbare uitbarstingen trouwens ook bij andere dieren, al noemen we het dan meestal geen zoomies. Katten kunnen ’s avonds ineens door het huis sprinten en gekke sprongen maken. Konijnen maken soms sprongen en draaien in de lucht (binkies) als ze zich goed voelen.
De boodschap is vaak hetzelfde: ontlading of plezier. En de aanpak blijft ook gelijk: zorg voor veiligheid, rust en voorspelbaarheid.
Zijn zoomies een teken van stress?
Zoomies kúnnen bij stress horen, maar schiet niet meteen in de stress-modus. Zie “stress” hier breed: het is een lichamelijke staat van paraatheid. Die activatie kan komen door iets heel leuks óf iets spannends.
Een pup die na een vrolijke speelpartij de zoomies krijgt, is niet per se angstig. Hij zit vooral vol prikkels.
Kijk daarom naar het geheel: wat gebeurde er vlak ervoor, wat zegt zijn lichaamstaal, en hoe herstelt je pup daarna? Schiet je hond in de zoom-modus, maar zoekt hij daarna weer rustig contact, eet hij goed en slaapt hij lekker? Dan was het waarschijnlijk gewoon een noodzakelijk ontlaad-momentje.
Zoomies passen wél vaker bij negatieve stress als je tegelijk andere signalen ziet, zoals veel hijgen zonder inspanning, wegkijken, bevriezen, herhaaldelijk likken aan lippen of neus, een lage staart, of steeds wegvluchten naar een veilige plek. Wil je meer weten over deze subtiele signalen? Dan is de uitleg over stress bij honden van de RSPCA een betrouwbare en toegankelijke bron.
Moet ik ingrijpen als mijn pup zoomies heeft?
Meestal hoef je helemaal niet te “corrigeren”. Zoomies hebben niets te maken met ongehoorzaamheid of “dominantie”. Het is een ontlading die vaak vanzelf weer stopt.
Wel is het verstandig om de situatie veilig te maken en je pup te helpen om weer te landen.
Ingrijpen is vooral nodig als:
- je pup zichzelf of anderen kan bezeren (gladde vloer, trap, scherpe hoeken);
- de zoomies omslaan in happen, opspringen of wild gedrag naar mensen;
- je pup zó overprikkeld is dat hij zelf niet meer tot rust komt.
Het doel is niet “stoppen omdat het niet mag”, maar begeleiden zodat het veilig blijft en je pup leert schakelen.
Hoe maak ik zoomies in huis veilig?
Tijdens zo’n dolle bui denkt je pup echt niet na over tafelhoeken of gladde tegels. Dat is jouw taak. Met een paar simpele aanpassingen voorkom je ongelukken, zonder dat je er een drama van maakt.
- Haal breekbare spullen weg op renhoogte (vaasjes, speelgoed, losse kabels).
- Beperk de ruimte als dat kan: gebruik de gang, een puppyproof kamer of een hekje.
- Let op gladde vloeren: uitglijden is belastend voor spieren en gewrichten. Een kleed of antislipmat op de “racebaan” maakt een wereld van verschil.
- Sluit de toegang tot trappen als je pup in een roes raakt.
Veel pups vinden het bovendien prettiger als ze een duidelijke, veilige route hebben. Je haalt letterlijk en figuurlijk de scherpe randjes eraf.
Wat kan ik doen op het moment zelf?
Als je pup als een malle door het huis stuitert, heeft hard “nee” roepen of erachteraan rennen weinig zin. Sterker nog: vaak gooi je dan alleen maar olie op het vuur, omdat je meedoet aan het spel of extra druk toevoegt. Rustig blijven werkt bijna altijd het best.
Probeer dit eens:
- Beweeg langzaam en praat zachtjes. Wees het rustpunt in de chaos.
- Geef hem de ruimte als de situatie veilig is. Veel zoomies duren maar kort en doven vanzelf uit.
- Gebruik een rustige cue die je pup kent, zoals “kom” of “mand”, maar doe dit alleen als je pup die opdracht al ontspannen kan uitvoeren.
- Bied iets aan om op te kauwen zodra hij weer aanspreekbaar is. Kauwen helpt veel pups om de schakel naar rust te maken.
Belangrijk: pak je pup liever niet stevig vast om hem te “stoppen” als hij nog in volle vaart is. Dat kan leiden tot worstelen, stress of een onbedoelde hap. Wacht liever één ademhaling langer tot de storm wat gaat liggen, en begeleid hem dan.
Zoomies na het wandelen: hoe kan dat?
Een echte klassieker: je komt thuis, klikt de riem los en… weg is ‘ie. Dat kan betekenen dat de wandeling fantastisch was, maar ook dat er heel veel prikkels waren.
Buiten gebeurt er van alles: geuren, geluiden, verkeer, andere honden, mensen. Zelfs een kort rondje kan voor een pup al behoorlijk intens zijn.
Eenmaal thuis ontlaadt die opgebouwde spanning zich soms in zoomies. Zie het als “alles er even uit schudden”. Het betekent niet altijd dat je pup nóg meer beweging nodig heeft. Soms is het juist een signaal dat hij moet leren afronden en rusten.
Wat vaak goed werkt:
- Maak het einde voorspelbaar: hanteer altijd dezelfde rustige routine bij binnenkomst.
- Geef eerst wat water en een pauzemoment, en pas daarna eventueel spel.
- Plan na drukke wandelingen extra rust op een prikkelarme plek.
Zoomies na het eten, na het poepen of na een bad: hoort dat erbij?
Jazeker. Na het eten kan opwinding meespelen (eten is immers een feestje), maar ook gewoon hernieuwde energie. Ook na het poepen trekken sommige honden een sprintje; dat lijkt vaak pure opluchting en een “lekker gevoel”.
Na een bad zie je het ook vaak: je hond wil zich droogschudden, rollen, wrijven en daarna die energie eruit rennen. Dat is meestal volkomen normaal.
Let wel even op: is je pup na het eten herhaaldelijk onrustig, lijkt hij buikpijn te hebben, gaat hij krom staan of moet hij braken? Dan is er iets anders aan de hand. Dan gaat het niet om vrolijke zoomies, maar mogelijk om lichamelijk ongemak. Bij twijfel is overleg met je dierenarts altijd verstandig.
Kunnen zoomies wijzen op pijn of een gezondheidsprobleem?
Op zichzelf wijzen zoomies zelden op pijn. Maar soms lijkt gedrag óp zoomies, terwijl er eigenlijk iets anders speelt. Een dier kan bijvoorbeeld plotseling gaan rennen of springen door ongemak, jeuk of schrik. Het verschil zit hem vaak in de herhaling, de lichaamstaal en het herstel.
Neem contact op met een dierenarts als je één of meer van deze dingen ziet:
- plotselinge zoomies die nieuw zijn en duidelijk anders ogen dan normaal;
- mank lopen, kreupelheid, gevoeligheid bij aanraken of niet willen bewegen na afloop;
- veel krabben, bijten aan de huid, schuren of onrust die niet zakt;
- paniekgedrag, gillen, of niet herkenbaar reageren;
- herhaald braken, diarree, sloomheid of verlies van eetlust naast het gedrag.
Jij kent je hond als geen ander. Als je voelt dat “dit niet klopt”, is dat een prima reden om advies te vragen, ook als je de vinger er niet precies op kunt leggen.
Mijn pup krijgt zoomies in de avond: betekent dit dat hij te weinig slaapt?
De beruchte “avond-zoomies” komen heel vaak voor. Overdag stapelen indrukken zich op en tegen de avond is de rek eruit. Pups hebben enorm veel slaap nodig, maar die “uit-knop” vinden ze niet altijd zelf. Ze hebben hulp nodig om te schakelen, zeker in een druk huishouden.
Tekenen dat vermoeidheid meespeelt:
- bijten in handen of kleding, terwijl hij dat eerder op de dag niet deed;
- drukker worden naarmate het later wordt;
- niet meer luisteren naar cues die hij eerder wél kende;
- van de ene naar de andere activiteit “stuiteren”.
In dat geval helpt het om de avondroutine rustiger en voorspelbaarder te maken: dim de lichten, doe geen wild spel meer en zorg voor een vaste plek waar je pup ongestoord kan slapen. Sommige pups slapen beter als je hun ruimte tijdelijk beperkt, zodat ze niet zelf steeds nieuwe prikkels kunnen opzoeken.
Hoe voorkom ik dat zoomies uit de hand lopen?
Probeer zoomies niet krampachtig “weg te trainen”. Dat is meestal niet nodig, en vaak ook niet realistisch. Het doel is dat je pup voldoende uitlaatkleppen heeft en leert om weer terug te keren naar rust. Dat is een vaardigheid die met de tijd groeit.
Deze basis helpt bij veel pups:
- Vaste rustmomenten over de dag verspreid, zeker na prikkelrijke activiteiten.
- Voldoende beweging die past bij de leeftijd: liever meerdere korte rondes dan één lange, zware tocht.
- Mentaal werk met mate: korte oefensessies, snuffelen, simpele zoekspelletjes. Te veel “moeten” kan juist overprikkelen.
- Een veilige kauw- of likactiviteit voor ontspanning, op momenten dat je pup nog aanspreekbaar is.
- Rustig contact: aaien of borstelen als je pup daarvan ontspant (maar niet als hij al over de kook is).
Een handige vuistregel: na iets leuks of intensiefs hoort een afbouwmoment. Ga niet meteen weer door naar het volgende.
Wat als mijn pup zoomies krijgt van bezoek of andere honden?
Sociale prikkels zijn voor veel pups topsport. Niet alleen door enthousiasme, maar ook omdat ze van alles moeten inschatten: wie is dit, wat gebeurt er, is het veilig, hoe speel ik netjes? Zoomies zijn dan vaak pure ontlading.
Je helpt je pup door bezoek wat voorspelbaarder te maken:
- Laat je pup eerst even landen voordat iedereen hem begroet.
- Vraag bezoekers rustig te blijven: geen hoge stemmetjes en niet over de pup heen hangen.
- Geef je pup een uitwijkplek waar niemand hem mag storen.
- Houd contactmomenten kort en bouw ze rustig op.
Bij ontmoetingen met andere honden geldt hetzelfde. Zeker jonge honden raken snel “vol”. Een korte, positieve ontmoeting is vaak beter dan eindeloos doorgaan tot het te druk wordt.
Is straffen zinvol bij zoomies?
Meestal niet, nee. Zoomies zijn vaak geen bewuste keuze, maar een reactie van het lijf. Als je dan straft, leert je pup vooral dat opwinding of energie onveilig is. Dat helpt niet bij het ontwikkelen van zelfregulatie.
Bovendien kan het jullie band en het onderlinge vertrouwen onder druk zetten.
Grenzen stellen is natuurlijk wél oké. Je mag je pup leren dat hij niet in mensen hapt of tegen kinderen opspringt. Maar dat werkt het beste via management (ruimte beperken, hekje, rustplek) en het aanleren van ander gedrag op momenten dat hij rustig is.
Wanneer schakel ik hulp in van een professional?
Heb je het idee dat de zoomies maar het topje van de ijsberg zijn? Is je pup vaak overprikkeld, bijt hij veel, komt hij moeilijk tot rust of wordt het gedrag steeds wilder? Dan kan begeleiding heel fijn zijn. Een goede hondentrainer of gedragstherapeut kijkt met je mee naar prikkels, rust, de dagindeling en jullie communicatie.
Kies iemand die rustig werkt, het welzijn van de hond voorop zet en je helpt begrijpen wáárom je pup doet wat hij doet. Twijfel je of er ook iets lichamelijks meespeelt, begin dan bij je dierenarts. Voor algemene informatie over hondengedrag en welzijn is ook de informatie van de American Veterinary Medical Association (AVMA) over gedragsproblemen een betrouwbare start.
Wat wil je pup je eigenlijk vertellen met zoomies?
Eigenlijk zegt hij meestal gewoon: “Ik zit vol energie of prikkels en het móét er even uit.” Het is zelden een teken dat er iets mis is met je pup, en het betekent ook niet dat jij faalt als eigenaar. Pups zijn lerende wezens met een lijf dat snel schakelt en een hoofd dat nog moet rijpen.
Als jij zorgt voor veiligheid, voldoende rust en een voorspelbaar ritme, worden die zoomies vaak vanzelf korter, minder heftig en makkelijker te begeleiden. En soms blijven ze af en toe terugkomen, ook bij volwassen honden, simpelweg omdat het leven soms zó leuk is dat je even móét rennen.
Zie je naast de zoomies signalen van pijn, paniek of langdurige onrust? Neem dan gerust contact op met je dierenarts. In alle andere gevallen mag je het zien als een normaal stukje hondenleven: een korte sprint, een blij lijf, en daarna weer lekker rusten.
