Op warme dagen zie je het verschil vaak direct: de ene hond huppelt vrolijk door, terwijl de andere na een kort rondje al zwaar hijgend de schaduw in duikt. Dat verschil is meestal goed te verklaren. Het hangt af van de bouw, de vacht, conditie, leeftijd én de omstandigheden van het moment.
Met een beetje inzicht en een paar simpele aanpassingen maak je het voor je hond al snel een stuk aangenamer.
Wat betekent warmtegevoeligheid voor het dagelijks welzijn?
Honden raken hun warmte een stuk lastiger kwijt dan wij. Ze zweten niet over hun hele lijf, maar moeten het hebben van hijgen en een beetje verdamping via hun voetzooltjes. Hierdoor hebben temperatuur, luchtvochtigheid en inspanning – maar ook stress – veel sneller invloed op hun lichaam.
Niet elk hijgje is meteen gevaarlijk, maar het vraagt wel om jouw oplettendheid. Je hond geeft niet altijd zelf op tijd aan dat het genoeg is. Jij kunt hem helpen door het tempo te verlagen en de omgeving aan te passen.
Waarom kan een hond warmte slechter kwijt dan een mens?
Voor ons mensen is zweten het belangrijkste koelsysteem: het vocht verdampt en neemt de warmte mee. Bij honden werkt dat totaal anders. Hun vacht is er vooral voor bescherming, isolatie en communicatie (denk aan haren die overeind gaan staan). Afkoelen doen ze voornamelijk via de ademhaling. Door te hijgen verdampt er vocht via de tong en slijmvliezen, waardoor de warmte wordt afgevoerd.
Dit systeem werkt prima bij rustige inspanning en normaal weer, maar het heeft zijn grenzen. Is de luchtvochtigheid hoog? Dan verdampt het vocht nauwelijks en levert hijgen weinig verkoeling op. Bovendien kan een hond niet eindeloos blijven hijgen zonder uit te drogen.
Daarom zie je dat een hond die het warm heeft sneller ‘vol’ zit: hij wil liggen, zoekt de koelte op en heeft geen zin meer om te bewegen.
Waarom heeft de ene hond meer last van warmte dan de andere?
Of je hond goed tegen warmte kan, heeft niets met karakter te maken. Het is een optelsom van factoren. Het draait vooral om twee dingen: hoe makkelijk kan de warmte het lichaam uit, en hoe snel wordt er extra warmte geproduceerd (door beweging, spanning of ziekte)?
Niet elke hond past in één hokje; vaak spelen er meerdere factoren tegelijk.
Heeft de bouw van de snuit invloed?
Absoluut. Honden met een korte snuit (de brachycephale rassen en kruisingen) hebben vaak meer moeite om effectief te hijgen. Hijgen is hun ventilator, maar door die korte snuit zijn de luchtwegen in verhouding vaak krapper of ongunstig gevormd.
Dat betekent niet dat ze per se geen lucht krijgen door hun neus, maar de totale anatomie werkt tegen ze: de neusopeningen, neusschelpen, het zachte gehemelte en soms de luchtpijp. Ademen kost dan simpelweg meer energie, en juist die inspanning maakt afkoelen lastiger.
Goed om te weten: een kortsnuit die zwaar ademt is niet per se in acuut gevaar, maar hij zit wel sneller aan zijn limiet dan een hond met een lange snuit. Neem dus eerder gas terug, ook als je hond nog enthousiast lijkt.
Maakt vachtsoort echt zoveel uit?
De vacht speelt zeker mee, maar het verhaal is genuanceerd. Een dikke ondervacht isoleert. Dat is fijn in de winter, maar in de zomer houdt het de warmte vast – zeker als de vacht vervilt is. Tegelijkertijd beschermt diezelfde vacht de huid juist tegen de felle zon.
Daarom is je hond kort scheren lang niet altijd de oplossing; soms is het zelfs nadelig voor de structuur van de vacht.
Wat meestal wél helpt is goed onderhoud: borstel regelmatig de losse ondervacht en klitten eruit, zodat de lucht er weer doorheen kan circuleren. Een donkere vacht neemt daarnaast meer zonnewarmte op. Een zwarte hond raakt niet per definitie oververhit, maar in de volle zon warmt hij wel sneller op dan zijn lichtgekleurde soortgenoten.
Wat is de rol van gewicht en conditie?
Overgewicht werkt dubbel tegen je. Vetweefsel isoleert, waardoor de warmte moeilijker weg kan. Daarnaast kost bewegen met extra gewicht meer energie, wat weer voor extra warmte zorgt. Ook een mindere conditie (bijvoorbeeld na een rustige winter of ziekte) zorgt ervoor dat een hond sneller buiten adem raakt en eerder gaat hijgen.
Dit is geen kwestie van schuld. Veel honden worden wat zwaarder als ze ouder worden of tijdelijk minder bewegen. Zie het als een praktisch signaal: bij warm weer is het extra belangrijk om rustig aan te doen en vaker pauze te nemen.
Waarom zijn pups en senioren kwetsbaarder?
Pups hebben hun interne thermostaat nog niet helemaal op orde. Ze zijn vaak druk, kennen hun eigen grenzen niet en gaan door tot jij ze stopt. Bovendien drogen ze sneller uit.
Bij oudere honden werkt de regulatie soms juist trager, of spelen er onderliggende klachten mee. Denk aan hart- of longproblemen, maar ook pijn of hormonale veranderingen kunnen ervoor zorgen dat ze sneller hijgen.
Let op: ‘senior’ is niet voor elke hond hetzelfde. Grote rassen zijn vaak eerder oud dan kleine rassen. Maar los van de leeftijd geldt: merk je dat je hond sneller moe is of minder snel herstelt na een wandeling? Behandel hem op warme dagen dan alsof hij een stukje kwetsbaarder is.
Kunnen stress en opwinding het erger maken?
Ja. Hijgen komt niet alleen door hitte, het is ook een bekend stresssignaal. Opwinding door bezoek, een autorit, training of wild spel kan de ademhaling flink versnellen. Dat verhoogt de lichaamstemperatuur, zeker als het buiten al warm is.
Sommige honden lijken onuitputtelijk met een bal, maar kunnen zichzelf daardoor juist voorbijlopen. Pas het spel daarop aan: korter, rustiger en vaker pauzeren. Kies liever voor hersenwerk of snuffelen in de schaduw dan voor intensief sprinten.
Welke omstandigheden maken het extra zwaar?
Vaak is het niet alleen de temperatuur, maar de combinatie van factoren die het link maakt. Let vooral op:
- Hoge luchtvochtigheid: hijgen werkt minder goed omdat het vocht niet verdampt.
- Geen wind en volle zon: in de schaduw is het vaak een stuk aangenamer, zelfs bij dezelfde temperatuur.
- Warme ondergrond: asfalt en zand worden veel heter dan de lucht.
- Auto, serre of kleine ruimte: de temperatuur loopt hier razendsnel op, ook als er een raampje openstaat.
Zie dit als context: een wandeling die op een koele, droge dag prima is, kan op een benauwde dag ineens te veel van het goede zijn.
Hoe weet je of hijgen normaal is of een waarschuwing?
Een beetje hijgen na inspanning is heel normaal. Ook enthousiasme of spanning kan ervoor zorgen dat je hond hijgt. De kunst is om naar het totaalplaatje te kijken: houding, herstel, slijmvliezen en gedrag.
Vraag jezelf rustig af: “Koelt mijn hond al af, of wordt hij juist steeds warmer?”
Normaal bij warmte of beweging
- Het hijgen neemt binnen enkele minuten af zodra je stopt en de schaduw opzoekt.
- Je hond is alert, wil drinken en reageert normaal op je stem.
- De tong steekt uit, maar voelt niet extreem droog aan.
In dit geval doen rust, water en een koele plek meestal wonderen.
Stresssignalen die extra warmte kunnen geven
- Hijgen in rust, zonder dat het heel warm is, of in spannende situaties.
- Onrustig ijsberen, niet lekker kunnen liggen, veel gapen of de lippen likken.
- Niet goed kunnen ‘landen’ na prikkels, zoals bezoek of een drukke wandeling.
Hier helpt het om de prikkels weg te nemen: ga rustig naar binnen, zoek een koele plek, stop met druk spel en ga pas weer naar buiten als je hond echt hersteld is.
Tekenen dat je het serieuzer moet nemen
- Hevig, aanhoudend hijgen dat niet minder wordt in de schaduw of na rust.
- Sloomheid, wankelen of niet meer willen opstaan.
- Overmatig kwijlen, braken of diarree.
- Afwijkende kleur van het tandvlees (bleek, donkerrood of paars).
- Verward gedrag, omvallen of zelfs bewusteloosheid.
Dit zijn signalen die kunnen wijzen op oververhitting. Neem in zo’n geval direct contact op met de dierenarts. Wacht niet af als je onderbuikgevoel zegt dat het mis is.
Wat kun je doen om je hond koel en comfortabel te houden?
Het doel is niet om je hond ijskoud te krijgen, maar om te voorkomen dat hij zijn warmte niet meer kwijt kan. Timing, dosering en koeling zijn hierbij de sleutelwoorden.
Wanneer en hoe laat kun je het best wandelen?
Kies op warme dagen voor de vroege ochtend of de late avond. Dan is de lucht koeler en de grond minder heet. Maak je rondes korter, geef je hond meer tijd om te snuffelen en houd het tempo laag. Snuffelen kost ook energie, maar is fysiek minder belastend dan rennen.
Twijfel je over de temperatuur van het asfalt? Doe de handtest: als jij je hand niet comfortabel vijf seconden op de grond kunt houden, is het ook te heet voor hondenpoten. Kies dan liever voor gras of schaduwrijke paden.
Welke spelletjes zijn beter bij warm weer?
Alles waarbij je hond moet sprinten en abrupt stoppen (zoals ballen gooien) laat de temperatuur snel oplopen. Kies liever voor rustigere activiteiten:
- Korte zoekspelletjes in de schaduw (verstop wat brokjes of een speeltje).
- Snuffelrondjes met veel pauzes.
- Rustige trainingsoefeningen binnen, met voldoende water in de buurt.
Let op: zwemmen is ook inspanning. Sommige honden worden in het water zo enthousiast dat ze alsnog oververhit raken, zeker als ze geen rust nemen of het water vrij warm is.
Hoe zorg je voor voldoende water (zonder gedoe)?
Zet op meerdere plekken in huis water neer, zeker als je trappen hebt. Neem buiten altijd water mee, ook voor korte rondjes. Sommige honden drinken pas als jij even stopt en het ze aanbiedt. Maak van die pauze dus een vast ritueel.
Drinkt je hond slecht? Las dan vaste rustmomenten in en bied water aan in een rustige omgeving. Dwing nooit grote hoeveelheden naar binnen; kleine slokjes zijn prima.
Welke koeling werkt veilig?
Veilig koelen doe je geleidelijk. Je wilt de warmte afvoeren zonder dat het lichaam in shock raakt. Dit werkt vaak goed:
- Schaduw en ventilatie: een koele plek waar de lucht beweegt.
- Een natte handdoek om op te liggen (alleen als je hond dat zelf wil).
- Een beetje lauw tot koel water over de poten en buik, stapje voor stapje.
- Rust: simpelweg stoppen met spelen is vaak de beste manier om af te koelen.
Let op: sommige honden vinden een natte vacht of een koelmat juist stressvol. Dan werkt het averechts. Kijk goed naar je hond: zakt de ademhaling en wordt zijn blik rustiger? Dan zit je goed.
Wat doe je als je hond te warm lijkt tijdens of na een wandeling?
Ga direct de zon uit en stop met wat je aan het doen bent. Zoek de schaduw op of ga naar binnen. Bied water aan en laat je hond in zijn eigen tempo drinken. Kijk of het hijgen binnen een paar minuten duidelijk afneemt.
Je kunt voorzichtig helpen door met lauw water de poten en buik te koelen en te zorgen voor frisse lucht. Doe geen extreme dingen als je niet zeker weet wat er aan de hand is. Wordt je hond erg sloom, blijft hij braken of lijkt hij weg te vallen? Bel dan direct de dierenarts.
Voor goed advies over eerste hulp bij hitte kun je ook kijken bij RSPCA: advice on heatstroke in dogs. Zie dit als ondersteuning, maar nooit als vervanging voor de dierenarts als je hond echt ziek oogt.
Hoe zit het met scheren, trimmen en de zomervacht?
Veel baasjes vragen zich af: moet de vacht eraf in de zomer? Het eerlijke antwoord is: dat hangt ervan af. Bij honden met een dubbele vacht kan scheren de structuur verstoren, waardoor de nieuwe vacht minder goed isoleert. Bovendien komt de huid bloot te liggen, wat kan leiden tot zonnebrand en irritatie.
Wat bijna altijd zinvol is, is ontwollen: de losse ondervacht en klitten verwijderen. Een luchtige, schone vacht ademt beter dan een dichtgeplakte ondervacht. Twijfel je? Overleg dan met een ervaren trimmer of je dierenarts.
Geldt dit ook voor andere huisdieren?
In de basis wel: dieren hebben elk hun eigen manier om af te koelen, en die is vaak beperkter dan bij ons. Katten zoeken meestal zelf wel een koel plekje en bewegen minder als het heet is, maar ook zij kunnen oververhit raken in een warm huis of auto.
Konijnen, cavia’s en vogels zijn extra kwetsbaar. Ze raken snel gestrest en kunnen hun temperatuur minder goed regelen. Ook voor hen zijn schaduw, ventilatie, vers water en rust cruciaal op hete dagen.
Voor elk dier geldt: pas de omgeving aan in plaats van het dier te pushen. Een koele kamer, de gordijnen dicht en voldoende water maken vaak het grootste verschil.
Wanneer is het verstandig om de dierenarts te bellen?
Twijfel je? Bel. Zeker als je hond na even rusten niet opknapt, blijft braken, diarree heeft of sloom oogt. Ook bij honden die al bekend zijn met hart- of longproblemen is het verstandig om laagdrempelig te overleggen.
Vertrouw op je gevoel: jij kent je dier het beste. Als je hond ‘anders dan anders’ doet en je krijgt hem niet snel comfortabel, is het helemaal prima om advies te vragen. Vaak stelt een kort telefoontje je al gerust en helpt het je de juiste keuze te maken.
Hoe maak je van warme dagen weer rustige dagen?
De meeste problemen voorkom je met simpele gewoontes: wandel op koele momenten, neem water mee en zoek de schaduw op. Kijk niet alleen naar wat je hond kan, maar vooral naar wat hij nodig heeft om zich goed te voelen.
Dat sommige honden gevoeliger zijn door hun bouw, vacht of leeftijd, is geen zwakte. Het is informatie waar jij rekening mee kunt houden. Als jij het tempo bepaalt en je hond leert dat rust ook goed is, wordt de zomer voor jullie allebei een stuk relaxter.
Met wat aandacht, koelte en een beetje planning komen jullie er wel.
