onderzoek naar Inteelt bij honden

Inteelt: ๐——๐—ฒ ๐—ต๐˜‚๐—ถ๐—ฑ๐—ถ๐—ด๐—ฒ ๐˜€๐—ถ๐˜๐˜‚๐—ฎ๐˜๐—ถ๐—ฒ ๐—ฒ๐—ป ๐—ด๐—ฒ๐˜ƒ๐—ผ๐—น๐—ด๐—ฒ๐—ป

Misschien heb je al een specifiek ras in gedachten als je een hond aan wilt schaffen. De kenmerkende eigenschappen van de meeste rassen zijn het gevolg van verschrikkelijk hoge niveaus van inteelt. De meeste mensen in de hondenwereld weten dit, maar wat is het gemiddelde niveau van inteelt, wat zijn de gevolgen van een dergelijk niveau, welke rassen zijn kwetsbaar en welke rassen zijn relatief gezond? Deze maand verscheen er in Canine Medicine and Genetics een groot onderzoek die aantoont dat het gemiddelde niveau van inteelt 25% is. Dat betekent dat de genetische gelijkenissen tussen honden van hetzelfde ras op hetzelfde niveau zit als de van broers en zussen. Kortom, iedere pup is te vergelijken wanneer jij een kind zou krijgen met je broer of zus. Hetzelfde resultaat zou worden gehaald wanneer jij een kind zou krijgen met je vader of moeder.

O๐—ป๐—ฑ๐—ฒ๐—ฟ๐˜‡๐—ผ๐—ฒ๐—ธ naar inteelt

Het onderzoek uitgevoerd door een internationaal team van onderzoekers onder leiding van veterinair geneticus Danika Bannasch toont niet alleen aan dat de meerderheid van de hondenrassen sterk ingeteeld is, maar ook hoe het bijdraagt aan een toename van dierenartsbezoek en dus zorgkosten.Noot: In het onderzoek telden brachycefalische honden (korte snuit en schedel) niet mee. Omdat deze honden zo extreem zijn doorgefokt en zoveel problemen kennen zou het meetellen van deze rassen ertoe hebben geleid dat andere statistieken minder waard waren.Het inteeltniveau van honden ligt dus gemiddeld op 25%. Bij mensen is een hoge mate van inteelt (3-6%) in verband gebracht met een verhoogde prevalentie van complexe ziekten en andere aandoeningen. Bij complexe ziektes kun je denken aan kanker en auto-immuunziektes.

๐—ฆ๐—ผ๐—บ๐—บ๐—ถ๐—ด๐—ฒ ๐—ฟ๐—ฎ๐˜€๐˜€๐—ฒ๐—ป ๐—ต๐—ฒ๐—ฏ๐—ฏ๐—ฒ๐—ป ๐—ฒ๐—ฒ๐—ป ๐˜ƒ๐—ฒ๐—ฒ๐—น ๐—ต๐—ผ๐—ด๐—ฒ๐—ฟ ๐—ป๐—ถ๐˜ƒ๐—ฒ๐—ฎ๐˜‚ ๐˜ƒ๐—ฎ๐—ป ๐—ถ๐—ป๐˜๐—ฒ๐—ฒ๐—น๐˜

Wat maakt een hondenras meer ingeteeld dan andere? Twee factoren spelen hierbij een rol. Allereerst de grootte van de stampopulatie. De Deens-Zweedse Boerderijhond kent een hele grote stampopulatie van ongeveer 200 honden. Dit ras wordt ook gezien als het gezondste ras wat ook blijkt uit verzekeringsgegevens als het gaat om dierenartsbehandelingen. De tweede factor is de selectie van eigenschappen. Zo leidt het fokken op uiterlijk (korte snuit, zwarte stippen) tot meer problemen dan selecteren op basis van functie. Voor de Deens-Zweedse Boerderijhond geldt dat hij vooral erg goed moest zijn in zijn werk.

๐—œ๐—ป๐˜๐—ฒ๐—ฒ๐—น๐˜ ๐—น๐—ฒ๐—ถ๐—ฑ๐˜ ๐˜๐—ผ๐˜ ๐—ฎ๐—ฎ๐—ป๐˜‡๐—ถ๐—ฒ๐—ป๐—น๐—ถ๐—ท๐—ธ ๐—บ๐—ฒ๐—ฒ๐—ฟ ๐—ฎ๐—ฎ๐—ป๐—ฑ๐—ผ๐—ฒ๐—ป๐—ถ๐—ป๐—ด๐—ฒ๐—ป

Uit het onderzoek kwam naar voren dat de morbiditeit enorm toenam als het ging om inteelt. Zo leidt de gemiddelde inteelt al tot 40% meer dierenartsbezoeken vergeleken met kruisingen. Van de 227 onderzochte rassen konden maar 10 rassen worden gerekend tot honden met een laag inteeltniveau. Honden uit deze rassen bezochten de dierenarts aanmerkelijk minder. Gemiddeld bezochten honden uit deze laagste categorie de dierarts 1% meer dan kruisingen. Honden van rassen met een gemiddeld inteeltniveau bezochten de dierenarts al snel 40% vaker. (zie afbeelding )

morbiditeit inteelt
Morbiditeit en inteelt (laag, gemiddeld, hoog)

๐—ฅ๐—ฎ๐˜€๐—ด๐—ฟ๐—ผ๐—ฒ๐—ฝ๐—ฒ๐—ป: ๐—ง๐˜„๐—ฒ๐—ฒ ๐—ฟ๐—ฎ๐˜€๐—ด๐—ฟ๐—ผ๐—ฒ๐—ฝ๐—ฒ๐—ป ๐˜€๐—ฝ๐—ฟ๐—ถ๐—ป๐—ด๐—ฒ๐—ป ๐—ฒ๐—ฟ๐˜‚๐—ถ๐˜

Wanneer het gaat om morbiditeit scoort rasgroep 2 verreweg het slechtst. Dit is zijn de Pinchers. Schnauzers, Molossers en Sennenhonden. Het best scoort rasgroep 5, ofwel de spitsen en oertypen. De andere rasgroepen vallen daar tussenin en kennen onderling kleine verschillen (zie afbeelding)

rasgroep morbiditeite
Morbiditeit en rasgroep
Rasgroep 1 – Herdershonden en Veedrijvers
Rasgroep 2 – Pinschers en Schnauzers, Molossers en Zwitserse Sennenhonden
Rasgroep 3 – Terriรซrs
Rasgroep 4 – Dashonden
Rasgroep 5 – Spitsen en Oertypes
Rasgroep 6 – Lopende honden, zweethonden en verwante rassen
Rasgroep 7 – Staande honden
Rasgroep 8 – Retrievers, waterhonden en spaniรซls
Rasgroep 9 – Gezelschapshonden
Rasgroep 10 – Windhonden

๐—”๐—ป๐—ฑ๐—ฒ๐—ฟ๐—ฒ ๐—ฟ๐—ฒ๐˜€๐˜‚๐—น๐˜๐—ฎ๐˜๐—ฒ๐—ป ๐˜‚๐—ถ๐˜ ๐—ต๐—ฒ๐˜ ๐—ผ๐—ป๐—ฑ๐—ฒ๐—ฟ๐˜‡๐—ผ๐—ฒ๐—ธ

Het onderzoek toonde eveneens de invloed van gewicht op morbiditeit aan. Grote en zware honden leven korter en dan kleine honden. Dat is geen nieuws maar in dit onderzoek werd duidelijk in welke mate ze vaker aandoeningen hadden. Gecombineerd met de data van inteelt konden de onderzoekers derhalve morbiditeit als functie van gewicht en inteelt in een grafiek zetten. Die grafiek vind je ook in de comments.

๐—จ๐—ถ๐˜๐˜‡๐—ผ๐—ป๐—ฑ๐—ฒ๐—ฟ๐—ถ๐—ป๐—ด๐—ฒ๐—ป

Er waren interessante uitzonderingen op de correlatie tussen inteelt en gezondheid. De Border Terriรซr, Basenji, Collie en Engelse setters hebben een hoge inteelt maar een lage morbiditeit. De Mechelaar en Pomeriaan een lagere inteelt en een hoge morbiditeit.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.