Diabetes bij honden wordt vaker vastgesteld in de winter

Diabetes bij honden wordt vaker vastgesteld in de winter

Bij mensen komen type 1 diabetes-diagnoses vaker voor op noordelijke breedtegraden en in de winter. Een studie dat afgelopen zomer in PLOS ONE verscheen liet een vergelijkbaar beeld bij honden zien.

Om de relaties tussen geografie, seizoensinvloeden en diabetes te onderzoeken, rekruteerden de onderzoekers honden met de aandoening uit heel Amerika om een zo breed mogelijke steekproef krijgen. Eigenaars vulden enquêtes in over hun huisdieren, inclusief de leeftijd van hun hond, datum en leeftijd op het moment van diabetes-diagnose en woonstaat.

Van 669 honden was de datum van de diagnose diabetes bekend. Daarvan werd 33% in de winter gediagnosticeerd, vergeleken met 24% in de lente, 24% in de zomer en 19% in de herfst. Toen het onderzoeksteam naar geografische regio’s van de VS keek, viel het noorden op, met 46% van de diagnoses bij honden in deze regio, vergeleken met 27% in het zuiden, 15% in het centrum van de VS en 12% in het westen. Dit ondanks het feit dat er veel meer honden – meer dan 31 miljoen – in het zuiden wonen, vergeleken met ongeveer 24 miljoen in het noorden en ongeveer 13 miljoen elk in de centrale en westelijke regio’s.

Wat zou de oorzaak zijn?

Hypothesen over het verband tussen koudere en meer noordelijke klimaten en diabetes bij mensen omvatten verbanden met vitamine D-tekort, voeding, levensstijl en virale infecties. Bij honden lijkt de correlatie met dieet onwaarschijnlijk, zegt Hess, aangezien de meeste hondenbezitters hun huisdieren het gehele jaar hetzelfde voeren. Bovendien, zegt ze, lopen honden met overgewicht en obesitas geen hoger risico op het ontwikkelen van diabetes, dus een verband met lichaamsbeweging, of het ontbreken daarvan, lijkt onwaarschijnlijk.

Volgens Hess is de kans groter dat de boosdoeners betrekking hebben op de manier waarop het lichaam vitamine D of insuline verwerkt. In studies bij mensen zijn lagere niveaus van vitamine D in verband gebracht met een verhoogde kans op diabetes. En lagere temperaturen leiden tot een afname van de insulinegevoeligheid. Hess zegt ook dat sommige onderzoekers een verband hebben gelegd met een virale infectie die vaker voorkomt bij koud weer en kan leiden tot diabetes.

In toekomstig werk zegt Hess dat ze hoopt zich te verdiepen in de vitamine D-verbinding, misschien door te onderzoeken hoe genetische variabiliteit in de vitamine D-receptor correleert met het risico op diabetes. Een studie die een voorgeschiedenis van virale infectie onderzoekt, zou ook onthullend kunnen zijn, zegt ze.

Persoonlijke kritiek

In het onderzoek wordt gesteld dat een verband met lichaamsbeweging onwaarschijnlijk is omdat honden met overgewicht geen grotere kans hebben op het ontwikkelen van diabetes. Hoewel overgewicht een signaal is voor een gebrek aan lichaamsbeweging betekent niet dat je ze gelijk kunt trekken. Lichaamsbeweging leidt niet slechts tot een afname van gewicht maar heeft veel meer positieve voordelen.

Als het hier lekker weer is kom ik regelmatig tientallen honden tegen. Mahru heeft op een drukke dag wel eens een hond of 40 (!!!) ontmoet. Nu het buiten koud en regenachtig is, loop ik soms uren rond zonder ook maar een hond tegen te komen. Ik denk dat ik nu gemiddeld nog geen 10% van het aantal honden tegenkom. Die 90% van de honden die ineens veel minder loopt zal echt niet ineens overgewicht hebben maar je kunt mij niet vertellen dat dit geen gevolgen heeft voor hun gezondheid.