Leven met een kuddebewaker

De afgelopen jaren heb ik veel verhalen over Mahru op deze pagina geplaatst. Niet gek want ondanks dat Mahru nog maar net 7 is, hebben we qua kilometers al meer dan een rondje om de aarde gelopen. We hebben meer dan genoeg avonturen beleefd om een boek vol te schrijven. Daarnaast is het gewoon echt een geweldige hond en een perfecte match voor mij. Al geruime tijd valt ons op dat kuddebewakers en vergelijkbare berghonden een aanzienlijk deel uit maken van de problemen waar mensen tegenaan lopen. Misschien wel de helft van de adviserende zoomsessies die Dunja doet (je krijgt mij met geen geweld voor zo’n webcamera) gaan over dit type hond. Reden genoeg dus om er een artikel over te schrijven.

Laat ik vooropstellen dat ik niet een specialist ben op dit gebied, er zijn mensen die gewoonweg meer verstand en ervaring hebben met kuddebewakers. Mahru is dan qua ras een kuddebewakingshond, ze heeft geen kudde. Ze is wel eens bij de herder op bezoek geweest en tussen de schapen en de kelpies gestaan, ze heeft samen gelopen met een kudde geiten en dagelijks komen we de lokale kudde tegen. Maar dit is allemaal toch anders dan verantwoordelijk zijn voor je eigen kudde.

Naast mijn eigen ervaringen en artikelen lees ik graag de verhalen van mensen met werkende kuddebewakers. De kudde hoeft trouwens niet per se te bestaan uit schapen. Sommigen werken met ganzen of eenden of beschermde diersoorten die kwetsbaar zijn voor aanvallen van wolven of beren. Anderen, hebben net als Mahru, geen kudde om te beschermen en eerlijk gezegd vind ik dat soms best een klein beetje jammer.

Door weer en wind, een nomadisch bestaan

Zoals gezegd hebben Mahru en ik de afgelopen jaren een rondje rondom de aarde gelopen. Zeker in Nederland associëren we kuddes met een vaste plek, zoals een heideveld of weiland. De realiteit is dat van oorsprong kuddes en herders een nomadisch bestaan leiden. Nog steeds zijn er overal ter wereld herders die met hun dieren van plek naar plek lopen zonder vaste verblijfplaats. Lopen zit dus in hun genen. Het boeit Mahru dan ook niet dat het vriest dat het kraakt, dat het waait, druilerig en nat is. Bramenstruiken, muggen, diepe plassen en allerlei andere redenen wat voor velen een reden is om thuis te blijven kunnen de pret niet eens een beetje drukken. En soms krijg ik haar ‘s avonds maar moeilijk naar binnen, want het liefst slaapt ze buiten. 

Vorig jaar liepen we over een enorme zandvlakte met een temperatuur diep onder het vriespunt. De storm zorgde ervoor dat we door de sneeuw en opstuivende zand levend werden gepolijst. Vier uur lang liep ik te bikkelen, Mahru liep lekker te dollen en liet zich van de zand/sneeuwduinen naar beneden rollen. Er was letterlijk geen hond te bekennen. maar voor haar was het een lekker dagje uit. 

Wanneer Mahru echter door een stedelijke omgeving loopt, is ze geen schim van zichzelf. Het is echt niet zo dat ze meteen miserabel wordt, maar ze sluit zich wel af. Een groot deel van de problemen die wij zien is een mismatch qua omgeving. De meeste van dit type honden zullen niet goed in hun vel zitten in een drukke en stedelijke omgeving. Helaas komen de meesten wel in deze situaties terecht waar ze een groot deel van de dag binnenshuis doorbrengen en waar buiten ook niet echt buiten is. 

Koppig als een ezel

Mahru loopt over het algemeen los en ze luistert behoorlijk goed. Maar wel op haar manier. Het is bijvoorbeeld niet uitzonderlijk wanneer ze meer dan 100 meter van me vandaan loopt en geen aandacht voor me heeft. Als ik op een heuvel in het bos ga staan en haar roep komt ze wel. Onderweg naar me toe gaat ze wat grasjes eten, nog even ergens in rollen, maar wanneer mensen haar aandacht vragen loopt ze die straal voorbij. Mahru vindt dat ze het commando goed heeft opgevolgd als ze me tot op dertig meter heeft benaderd. Vaak lopen we ook gewoon samen of zitten we naast elkaar op een heuveltje, veel commando’s geef ik haar niet. Geef haar een beperkt aantal taken en ze voert ze perfect uit. Vraag te veel van haar en je krijgt de middelvinger. Wanneer je onbetrouwbaar of onduidelijk bent kan het maar zo zijn dat ze gewoon wegloopt. Mahru moet ook echt niets hebben van baasjes die constant hun hond roepen en niet geheel verrassend houdt ze ook niet van honden die constant geroepen worden.

Schoapies kiekn

Als je in een heidegebied woont moet je ervoor zorgen dat je hond niet de schapen verstoort. Maar er is een verschil tussen een goede kuddebewaker en andere honden en dat merk je vooral aan de schapen. Wanneer ik met Mahru langs (of soms door) een kudde moet, reageren de schapen gewoon helemaal niet. Dat is anders wanneer een hond heeft aangeleerd om de schapen niet op te jagen. 

De eerste keer dat ze echt midden in een kudde stond was bij een bevriende schaapherder. Ik kwam tijdens een van onze lange wandelingen even gedag zeggen hij mijn hulp nodig had met het repareren van het hek. Ik vroeg of ik Mahru ergens kon laten zodat ik m’n handen vrij zou hebben. De herder had Mahru al langs de schapen zien lopen en een keer eerder had ze de lammetjes ontmoet (toen nog met een hek ertussen). Nu was erbij gaan liggen Mahru mocht wel blijven en tien minuutjes later hadden we het hek gefixt. Mahru had vooral aandacht voor de kelpies die achter de kudde liepen, ze bleef gewoon op haar plek alsof ze dit al jaren deed. 

Zoals gezegd, ik vind het soms jammer dat Mahru geen eigen kudde heeft. Maar we lopen dagelijks langs een kudde in het natuurgebied bij ons huis. Zeker als de herderin er niet bij is denk ik dat je als hondenbaasje toch ook een beetje de taak hebt om een oogje in het zeil te houden. Niet alleen om de wolf die hier in de buurt loopt, maar vooral ook omdat mensen soms rare dingen doen zoals hekken opzetten, afval dumpen, hun hond of kinderen achter de kudde aan laten rennen en ga zo maar door. Zo hebben we toch nog een beetje een taak.

Waaks hoort er bij

Kuddebewakers komen in vele soorten en maten maar het is veilig om te stellen dat ze allemaal waaks zijn. Van alle ‘problemen’ die wij horen van mensen horen we waaksheid het meest. Ik heb het tussen aanhalingstekens gezet omdat deze rassen geselecteerd zijn op hun waaksheid. Het is een beetje zot om te denken dat jouw hond de uitzondering op de zal zijn.
Mahru, hoe lief ze ook is, is ook kneiterwaaks. Zeker zodra het schemerig wordt zet Mahru haar waaksheid op standje 10. Er zijn onderzoeken waarbij ze de activiteit van carnivoren zoals wilde honden, wolven, hyena’s etc. meten. In tegenstelling tot de huishond die vooral overdag actief is zijn de meeste wilde dieren rond schemering het meest actief. Tijdens de schemer is Mahru gewoon een andere hond. Maar ook op andere momenten van de dag is Mahru waaks en ik laat haar ook waaks zijn. Een hond die geselecteerd is op waaksheid die niet waaks mag zijn zit gewoon niet op de goede plek. 

Gelukkig hebben veel kuddebewakers ook aanleg voor zelfbeheersing, dat is logisch want als ze gehele dag door op alles reageren zou dat extreem vermoeiend zijn. Over het algemeen laat ik Mahru het zelf maar uitzoeken als het gaat om het ontmoeten van andere honden. Ze is heel goed in staat om gevaar te herkennen en dus zijn familiehonden zelden een probleem of ze nou angstig, agressief, overdreven enthousiast zijn, Mahru kan er wel mee omgaan.

Wanneer ik in het bos op de grond lig om minuscule paddenstoelen te fotograferen weet ik dat Mahru waaks wordt en de taken van me overneemt. Er gaat dan bij haar een knop om, terwijl ik door m’n lens kijk luister ik aandachtig. Want Mahru moppert een binnensmondse ‘wof’ zodra er iets op ons af loopt. Dan heb ik een aantal seconden om het weer van haar over te nemen anders lost ze het zelf wel op. Want als jij het niet doet, dan doet zij het wel. 

Andere kuddebewakers

Het grootste deel van de kuddebewakingsrassen die ik tegenkom vind ik er gewoon heel slecht uit zien. Geen bespiering, strak aangelijnd, gefrustreerd en vaak veel te dik en dito baasjes. Enkele keren per jaar komen we een leuke tegen en dat is voor Mahru altijd groot feest. Ze gedraagt zich dan echt ineens heel anders. Zo kwamen laatst een Sarpli… Sirplanin… even googlen, Sarplaninac tegen. Zo maar, los in het bos. Alsof ze elkaar al jaren kenden en ik kan dergelijke ontmoetingen alleen maar omschrijven als twee vrienden die met een biertje teveel op over straat lopen. Hetzelfde gold voor de twee Kuvacz’en en de Tibetaanse Mastiff, de Armeense wolfshond en andere rassen die we door de jaren zijn tegengekomen. De meesten zijn echter kruisingen en Mahru heeft ook een enorme voorkeur voor deze honden in vergelijking met bijvoorbeeld Labradors en terriërs

Hier in de omgeving lopen ook kuddebewakers die echt aan het werk zijn, soms zelfs alleen en dus zonder herder in de buurt. In dat geval houdt Mahru uit zichzelf afstand. Dat in tegenstelling tot toeristen die het een strak plan vinden om met hun boomertje op de kudde en de hond af te lopen. 

Schijn bedriegt

Veel mensen schaffen een kuddebewaker of een kruising aan uit het buitenland. Veelal is het onwetendheid. Kuddebewakers zien er als pup nou eenmaal uit als kleine beertjes. Uiteindelijk worden het vaak enorm sterke honden die behoorlijke eisen stellen aan hun omgeving. 

Soms weten mensen wél dat het om dit type hond gaat en lezen ze beschrijvingen als ‘zelfstandig’ en ‘niet snel bang’, ‘vriendelijk naar de eigen omgeving’. Niet dat deze beschrijvingen nooit van toepassing zijn, maar ze moeten in een context worden geplaatst. Wanneer een hond zelfstandig is betekent het niet dat je hem of haar elke dag 8 uur lang alleen kan laten om vervolgens een blokje te gaan lopen. Mahru is erg zelfstandig maar ze is altijd in de buurt. Ze houdt ervan om met rust te worden gelaten, haar dingen te doen maar ze vindt alleen zijn helemaal niet leuk. Zo kun je bij elke van de veel voorkomende beschrijvingen afvragen of ze ook nog van toepassing zijn in de verkeerde omgeving. Een gefrustreerde hond die extreem waaks en niet snel bang is kan al snel voor allerlei incidenten zorgen. Tel daarbij op dat velen een andere taal spreken dan de familiehonden die van pups af aan als kleine mensjes worden behandeld en je hebt gewoon een recept voor ellende. 

Er zijn zoveel foto’s op het internet te vinden van kuddebewakers die lammetjes likken en gemoedelijk tussen de schapen staan, kippen die bovenop ze staan terwijl ze chillen in het gras. Misschien dat mensen ten onrechte denken dat als zij een dergelijke hond aanschaffen dat dit idyllische plaatje ook voor hun de werkelijkheid wordt. Dat is vaak gewoon niet realistisch. Hoewel het vriendelijke gedrag van Mahru naar bijvoorbeeld schapen en koeien heel natuurlijk is, we hebben door de jaren heen duizenden uren door natuurgebieden gelopen, zoveel kuddes gezien, bij de herders en andere mensen met schapen en koeien op bezoek geweest. Ik wil niet zeggen dat daar heel veel specifieke training aan te pas is gekomen, maar wel heel veel ervaringen. Duizenden ervaringen waarbij ze zelf heeft geleerd en waarbij ik soms begeleidde. Dat je ergens aanleg voor hebt betekent niet dat je het gedrag niet hoeft te cultiveren. 

Rust

Mahru heeft veel ruimte nodig, ook in huis. Soms heeft ze gewoon geen zin in ons en loopt ze weg, zelfs als haar kleine broertje bij haar komt liggen. De enige die dat altijd mocht was Jura. Andere keren vindt ze alle aandacht juist fijn en als je stopt met aaien krijg je een mep met een van haar dikke voorpoten. Ze wil gewoon vaak met rust worden gelaten. Niet alleen, maar wel met rust. Als ik in de tuin aan het werk ga, loopt ze mee naar buiten en is ze er gewoon bij. Maar geef haar te veel aandacht en ze loopt zo weer naar binnen. Toedeloe! 

In een huis waar iedereen altijd maar druk doet, loopt te appen, waar kinderen naar school moeten en waar iedereen op tijd staat, waar veel visite over de vloer komt, waar de televisie op de achtergrond loopt te brullen en waar allerlei ander neurotisch gedoe plaatsvindt, zou Mahru het niet fijn hebben. Toch is dit wel het leven van velen op dit moment. Het is alleen niet het leven waar de meeste van dit soort honden zich thuis zal voelen.

Tot slot

Zoals ik aan het begin van dit artikel aangaf ben ik niet de aangewezen specialist. Dit waren vooral anekdotes die in meer of mindere mate typerend zijn voor kuddebewakers. Mensen schaffen veelal onwetend (en vaak vanuit het buitenland) een hond aan die zich nooit zal gedragen als een leuke gezelschapshond. In veel gevallen gaat het om kruisingen, maar die kunnen dezelfde instincten en gedragingen hebben die ze minder geschikt maken voor het gros van de baasjes en hun situaties.

Voor mij persoonlijk bestaat er geen betere ‘gezelschapshond’ en mocht je in staat zijn deze honden te bieden wat ze nodig hebben dan kun je geen beter maatje verzinnen. Dan heb je inderdaad een stabiele zelfverzekerde hond waar je de elementen mee kunt trotseren. Maar ook een hond waartegen je in slaap kunt vallen met een goed boek. Een hond die op jonge leeftijd al zeer volwassen is maar vervolgens op hogere leeftijd het leven nog steeds niet helemaal serieus neemt. Onze adviezen komen eigenlijk altijd op hetzelfde neer: Of verander je situatie of denk er heel hard over na of je hond misschien ergens anders beter op z’n plek is. 

Wil je meer lezen over werkende kuddebewakers dan is Canine Efficiency – CE een goede Nederlandstalige bron.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.